In een visie kun je niet wonen

Publicatiedatum: 25-02-2015

De gemeenteraad van Veenendaal heeft de door B en W opgestelde Woonvisie niet goedgekeurd. Dat is jammer want het was op zich best een goede nota geworden. Uiteraard kon de nota altijd nog beter, maar we moeten ook bedenken dat het in deze tijd lastig is om tot een heel brede visie te komen: de vraagstukken t.a.v. de woningmarkt zijn nu eenmaal weerbarstig.
Inderdaad, de concept Woonvisie maakte zich wel wat makkelijk van een aantal problemen af door te stellen dat de vrije markt maar zijn werk moet doen en dat de gemeente daar geen enkele bemoeienis mee moet hebben. Daarmee verliest het lokaal bestuur een strategische blik op al haar sturingsinstrumenten op de woningbouw.

Naast deze omissie staan er in de concept Woonvisie wel degelijk een aantal goede zaken en maatregelen. Patrimonium gaat daar gewoon mee aan de slag. Dat hoeft niet te wachten op de definitieve versie van de Woonvisie.

Waar Patrimonium wel op hoopt is dat er in de definitieve visie wat meer aandacht is voor de sociale woningbouw. Hoeveel betaalbare woningen zijn er nu nodig? En hoe komen we tot dat aantal? 

In de afgelopen jaren is de gemeente Veenendaal afgestapt van een lange traditie om ontwikkelaars te verplichten om (met uitzondering van het project Veenendaal-Oost) bij een nieuwbouwproject ook een hoekje in te richten voor circa twintig tot dertig procent sociale huurwoningen. Ontwikkelaars vonden dat wel leuk want dat was gunstiger voor hun portemonnee. 

Dat de sociale woningbouw desondanks meegroeide (of de laatste jaren zelfs sterker groeide) met de omvang van het aandeel marktwoningen is te danken aan de lokale corporaties. Maar dat ging uiteraard wel ten koste van het een en ander. De grondkosten onder die woningen zijn in dat geval namelijk anders (hoger) dan als de gemeente sociale woningbouw als een normaal onderdeel van een project voorschrijft.

We moeten als gemeente waken voor een teneur dat sociale woningbouw inferieur zou zijn omdat er bewoners in zitten die lastig zijn, of in ieder geval armlastig. 

Dit  neigt ernaar dat een bepaalde bevolkingsgroep in negatieve zin wordt weggezet. Natuurlijk, het zal inderdaad zo zijn dat mensen in een sociale huurwoning gemiddeld vaker en meer steun van de gemeente nodig hebben, bijvoorbeeld vanuit de bijstand, dan mensen in duurdere huur- of koopwoningen. Maar we moeten voorkomen dat we in Veenendaal de zaak omkeren. Patrimonium  vindt dat een kromme de redenering: “minder sociale woningen betekent minder arm-(lastige) inwoners en dus minder geld uit de kas van de gemeente voor ondersteuning”. Het tegendeel is eerder waar: als die mensen noodgedwongen te duur wonen kloppen ze eerder aan om ondersteuning.

Patrimonium zou het beter vinden om objectief te beoordelen hoeveel mensen in Veenendaal behoefte hebben aan een betaalbare woning. Zij is van mening dat we dan tot de conclusie zullen komen dat er helemaal geen overschot is in de sociale sector, maar dat daar  -gezien de veranderingen die zich in de maatschappij voltrekken-  juist een opgave ligt. 

Deel deze pagina

 
Annuleren

Waarmee kunnen wij je helpen?

Begin hier met zoeken!

Geen resultaten gevonden